donderdag 20 december 2007

Beeld & Concept

Voor Beeld & Concept begonnen we met vaststellen of je de 'wereld' of de 'keukentafel' bent. Als je de wereld bent betekent het dat je dingen maakt om mensen bewust te maken, je bent betrokken bij de wereld om je heen. Als je een keukentafel bent haal je de inspiratie vooral uit je zelf, en slaan de dingen die je maakt vooral op je eigen gevoelens.

Ik had gekozen voor de wereld omdat ik meestal observeer, en daar mijn ideeën vandaan haal, niet altijd maar meestal wel.
Hierna moesten we een onderwerp kiezen waar je verder mee wou, iets wat jouw bezighoud. Ik koos voor het gebrek aan privacy. Ik kwam hierop door een artikel in de krant waar stond dat als je naar Amerika wilde vliegen, ze willen weten wat je politieke voorkeur, je sexuele geaardheid en andere onrelevante dingen zijn.
Na een onderwerp te hebben gekozen moesten we alles op een groot blad op een rijtje zetten.

Ik heb geprobeert zoveel mogelijk soorten van privacy schending op te schrijven, wat niet eenvoudig was omdat ik er niet het fijne van wist. Ik heb daarom nog behoorlijk wat research moeten doen. Ik heb het uiteindelijk wat gespecificeerd tot het camera-toezicht wat in veel steden, stations, luchthavens enz. wordt gebruikt. In principe is dit een goede ontwikkeling voor de veilligheid op straat, maar het probleem is dat er geen enkele controle is wat er met de beelden die gemaakt zijn gebeurd. Voor mijn eindproduct heb ik geprobeert met dit gegeven iets te doen. Ik vind dat mensen zelf moeten kunnen beslissen over hun identiteit, of ze wel of niet willen worden gefilmd.

Ik heb uiteindelijk gekozen voor een kijkdoos met mannetjes die zelf kunnen kiezen of ze gezien willen worden of niet, doormiddel van balkjes voor hun ogen. Je kunt als toeschouwer wel kijken, maar de figuurtjes hebben zelf de keuze of ze zin hebben bekeken te worden of niet.


Conclusie:
De Leraar (Rob Leijdekkers) vond dat ik wat te grafisch had gewerkt (4 jaar Grafisch Lyceum laat zijn sporen na), en vond dat het werk onvoldoende inpact had en niet het hele verhaal vertelde, dat vond hij jammer want het idee zelf vond hij wel goed.
Ik had mensen meer moeten laten voelen wat een gebrek aan privacy betekent, ze bijvoorbeeld op straat achterna lopen met een videocamera. Hij had hier wel gelijk in, maar gezien de tijd die ik nog had vond ik dit de beste oplossing om mijn idee te concretiseren. Dit was wel mijn lastigste vak van de eerste periode, vooral omdat het bij Beeld & Concept totaal van jezelf afhangt wat het uiteindelijke eindproduct wordt, een filmpje, een fotoreeks, schilderingen, het kan allemaal. Daar had ik in het begin best wel moeite mee.

Cijfer:
6

dinsdag 6 november 2007

Serieel Beeld

We moesten voor dit vak een wandeling van 12 minuten maken en alles wat ons opviel beschrijven, meenemen, fotograferen of tekenen. We deden dit in groepen van 5 á 6 mensen. We gingen naar dé graffitti plek van Den Bosch, ongeveer 5 minuten lopen van St Joost langs een oud spoor. Hier hebben we allemaal een boel foto's gemaakt.





Ik heb zelf vooral gegeken naar de details van deze plek, naar de kleuren en tegenstellingen. Het contrast tussen de kleurrijke graffitti en de grauwe fabriekspanden en loodsen vond ik erg interessant. Van alle foto's die we hadden genomen moesten we de zes beste uitkiezen. Bij elk van de foto's moesten we 10 woorden verzinnen die bij je opkwamen bij het zien van een bepaalde foto.





Ik had deze foto's gekozen omdat ik ze de plek die we bezocht hadden goed vond samenvatten, zowel het creatieve als het grauwe en saaie ervan zit in de foto's. Daarnaast vond ik ze gewoon het mooist qua kleur en compositie. Het viel niet mee om bij elke foto 10 woorden te verzinnen, maar na lang nadenken is het toch gelukt. Van deze in totaal 60 woorden moesten we er drie uitkiezen waar we verder mee wilden, dat zijn geworden: (on)begrensdheid, tijdloosheid en vergankelijkheid. Uiteindelijk is het onbegrensdheid geworden omdat ik er de meeste mogelijkheden in zag, en het de plek ook het beste weergaf, er was creatieve onbegrensdheid gevangen tussen muren en hekken, de begrensdheid. Bij dit woord moesten we toen beeldmateriaal zoeken wat je kunt gebruiken voor je eindpresentatie.

Toen ik door wat tijdschriften bladerde kwam ik een foto tegen, die ik erg indringend vond, en ook goed bij mijn onderwerp vond passen. Aan de hand van deze foto kwam ik op het volgende thema: de limiet van onbegrensdheid. Ik besloot een serie tekeningen te maken waarin dit duidelijk moest worden. De 7 tekeningen vormen een verhaal, dat van een man die geen mentale grenzen kent, maar naar mate het verhaal vorderd wel met zijn fysieke grenzen wordt geconfronteerd.

Doordat de leraar (Hans Laban) bijna al mijn stappen al had gevolgd was de presentatie van korte duur. Hij vond het een goed idee, maar had wat meer zorg aan de uitvoering kunnen besteden en het wat spannender kunnen maken, waar hij wel gelijk in had.


Conclusie:
In het begin van de opdracht wist ik niet precies wat nou de bedoeling was, maar het foto's maken was wel erg leuk om te doen. Het leren kijken en het opnemen van dingen was een goede oefening. Het duurde een tijdje voor ik een thema had, maar met het uiteindelijke resultaat ben ik wel tevreden, en als ik wat meer tijd had gehad had er wel wat meer in gezeten.

Cijfer:
7

2D-Beeldonderzoek

Voor dit vak begonnen we met het tekenen van een stilleven met houtskool. We moesten het van verschillende kanten en met verschillende uitgangspunten maken, bijvoorbeeld alleen de schaduwen, met je ogen dicht of erg expressief, zodat het houtskool aan gruzelementen werd gedrukt. Dit was een goede oefening voor me, vooral het expressief tekenen was even wennen omdat ik normaal gesproken vrij gecontroleerd teken. Het met ogen dicht tekenen was ook een oefening die was bedacht om zo te ondervinden hoe het is om de controle over je tekening te verliezen en wat vrijer te tekenen.

Daarna moesten we een naaktmodel gaan tekenen/schilderen. Eerst gingen we de contouren van het lichaam tekenen om een idee te krijgen hoe dat precies loopt. Later gingen we naar het fotolokaal om het model te schilderen. We mochten alleen gebruik maken van zwarte verf, en het was de bedoeling dat we vooral op de schaduwen op het lichaam letten. Na ongeveer 2,5 uur geschilderd te hebben had ik zes schilderingen. De volgende les moesten we de beste eruit kiezen en daar een woord of stelling bij verzinnen. Ik had hier nogal wat moeite mee, en het duurde nog al een tijdje voordat ik wat gevonden had. Tot die tijd heb ik vooral geëxpirimenteerd met kleuren, vormen en de verf zelf. Na verloop van tijd kwam ik op het woord 'kern'. Ik wou gaan onderzoeken waar de kern (het belangrijkste deel) in een afbeelding of figuur ligt. Ik heb dit op verschillende manieren gedaan, gekeken of het iets met kleur, vorm, ruimte, centrale ligging of helderheid had te maken. Ik heb hiervoor verf en houtskool gebruikt. Het bleef moeilijk voor me om dit onderzoek in beelden om te zetten, maar aan het eind van de opdracht ging het al wat beter.

We moesten de beste werken van ons onderzoek in een boek bundelen en presenteren. We moesten al het andere werk wat we gemaakt hadden ophangen (zie boven) en het boek erbij leggen. Omdat ik weer ergens onderaan de lijst bungelde was het drie uurtjes wachten tot ik aan de beurt was. Toen de lerares (Ellen Krutwagen) bij mij kwam zei ze dat het nog niet helemaal af was en ik na de herfstvakantie terug mocht komen met een boek, wat er nu eigenlijk nog niet was. Ik vond het
wel terrecht, en nu had ik nog een weekje extra. In de vakantie heb ik nog 10 werken gemaakt en er een boek van gemaakt. Na de vakantie ben ik weer naar school gegaan en heeft ze me beoordeeld. Ze vond het werk wat te 'veilig' en zei dat ik wat meer moest vragen als ik iets niet wist. Wel vond ze dat ik het in me had om door te groeien.


Conclusie:
Het schetsen van het model en het stilleven vond ik erg leuk om te doen, vooral door de verschillende oefeningen die we moesten doen. Het werken met houtskool was even wennen, ik ben er niet kapot van, maar het was interessant om het een keer te proberen. Toen we moesten gaan werken met een stelling/woord werd het wat moeilijker voor me omdat ik lang twijfelde wat ik precies wou onderzoeken, maar toen ik een paar weken bezig was kreeg ik er wel lol in en ging het ook beter.

Cijfer:
6

maandag 5 november 2007

3D-Beeldonderzoek

Voor dit vak moesten we drie voorwerpen uitkiezen en deze heel goed bestuderen op kleur, materiaal, nut, gewicht, imago etcetera. Uiteindelijk moesten we een bouwwerk van dit materiaal maken. We werkten in groepjes van 2 of 3, iedereen in het groepje moest drie voorwerpen kiezen. Ik zat in een groepje met Danni van Amstel. Ik koos een rietje, wasknijper en een waxinelichtje. Nadat ik alle kenmerken hadden benoemd, moesten we gaan expirimenteren wat de mogelijkheden waren van dit object. Dit was wel de leukste fase van de opdracht, zeker omdat ik nog nooit op deze manier met materialen heb gewerkt.



Hierboven heb ik gewerkt met kaarsvet van het waxinelichtje. Eerst heb ik zo'n 15 waxinelichtjes in een pan gedaan en het vuur aangezet. Toen ze allemaal waren gesmolten heb ik ze in een gietvorm gegoten en weer laten stollen. Toen het kaarsvet hard was kon ik met de nodige moeite de vorm eruit halen en laten staan.
Later zei de leraar (Rene Pijnenburg) dat ik al te ver was in het onderzoek, je moest eerst puur naar het object zelf kijken en zien wat je er mee kan doen. Maar hij vond het toch wel goed onderzocht. Bij de wasknijper en het rietje was het onderzoek wel goed, omdat je daar ook wat minder kanten mee opkan dan bij kaarsvet.




Na deze drie objecten op zichzelf te hebben onderzocht, moesten we kijken wat de mogelijkheden waren om er mee te bouwen en te verbinden. De opties voor de wasknijper waren vrij beperkt zonder touw of lijm te gebruiken. De rietjes konden op meer manieren worden verbonden, maar er waren al twee groepen die deze rietjes gebruikten dus besloot ik wat anders te doen.

Na deze fase van het onderzoek moesten we allebei drie constructies kiezen die we het beste vonden. Ik had de rietjes constructie, de bakjes van de waxinelichtjes (zie boven) en het kaarsvet. Van deze zes moesten we de beste drie kiezen.
Na kort overleg kozen we er uiteindelijk voor om iets met het kaarsvet te gaan doen. We vonden de mogelijkheden hiermee het grootst en vonden het origineel. Omdat we nog geen idee hadden wat we er precies van wilden maken hebben we nog heel wat testjes gedaan om te onderzoeken wat de mogelijkheden precies waren en om wat praktische informatie te krijgen.



Uiteindelijk kwamen we op het idee om de waxinelichtjes op te hangen aan de muur en het kaarsvet naar beneden te laten druppelen, zodat het op de grond weer een nieuwe vorm aanneemt en het "kunstwerk" zichzelf maakt. Alles mooi en wel natuurlijk, maar hoe maak je zoiets? We hebben onderzocht of je misschien met een studiolamp genoeg hitte krijgt om het kaarsvet te laten smelten (zie boven), maar dat duurde ruim een half uur voordat het een beetje begon te smelten. Zodoende besloten we om de waxinelichtjes maar te laten branden en zo te laten smelten. Het plan werd ook steeds duidelijker: We zouden de waxinelichtjes aan een standaard van ijzerdraad aan de muur bevestigen. Zo konden we zorgen voor verschillende diepten van de muur. We besloten om gekleurde waxinelichtjes te gebruiken en de muur zwart te schilderen en wit papier te gebruiken, zo kwamen de kleuren nog beter tot hun recht.



De presentatie zelf ging goed, al moesten we eerst nog alle kaarsjes aansteken. Het kaarsvet druppelde mooi op het papier en er ontstond een mooie tekening van kaarsvet. De leraar was vrij positief, al had hij liever gezien dat we het op een andere plek hadden gepresenteerd, aangezien het geheel met gedempt licht en in een wat kleinere, donkere ruimte beter tot zijn recht was gekomen. Daar had hij gelijk in, maar we hadden geprobeert een kamer te reserveren, alleen was die al een maand gereserveerd (tot eind oktober). Hij gaf ons uiteindelijk een 7, waar ik wel mee kon leven, maar er had misschien wel wat meer in gezeten.

Conclusie:
Ik vond dit het leukste vak om te doen, ook omdat het helemaal nieuw voor me was. Het werken en experimenteren met verschillende materialen is zeker voor herhaling vatbaar. Waar de leraar erg op hamerde was het archiveren van wat je gemaakt had en het netjes bijhouden, een goede les. Het samenwerken ging ook prima, we hebben veel onderzocht en hadden het vrij ruim van te voren af. Met het eindresultaat ben ik aardig tevreden, al had het er misschien wat estetischer kunnen uitzien.

Cijfer:
7

maandag 17 september 2007

Excursie Antwerpen



Op vrijdag 7 september zijn we met de hele 1e klas op excursie gegaan naar Antwerpen.
We vertrokken om 09.30 uit Den Bosch en kwamen ongeveer om 11:00 aan in Antwerpen.

We begonnen in het MUHKA (Museum van de Hedendaagse Kunst), een flink groot gebouw bij
de haven van Antwerpen. De begane grond was gereserveerd voor de beeldende kunst, veel oude legeronderdelen waar wat moois mee uit was gehaald. Verder schilderijen met grote zwarte vlakken met wat wit en grijs langs de randen, niet helemaal mijn smaak.

Op de hogere verdiepingen was plaats voor de schilderijen van de Belgische schilder en graficus Fred Bervoets. Zijn stijl sprak me wel aan, vooral het kleurgebruik bij sommige van zijn schilderijen. Ook het slordige en het levendige van zijn prenten en schilderijen vind ik interessant.

Helemaal boven was een soort lasershow aan de gang waar je gewoon doorheen kon lopen.
Het was pikdonker en de laserstralen waren wit, ze spelden woorden zoals 'psycho'.

Na het MUHKA gingen we naar het Fotomuseum, een paar honderd meter verderop.
Er waren foto's te zien van verschillende fotografen en verschillende onderwerpen. Op de 1e verdieping waren foto's te zien van de inwoners van Papoea-Nieuw Guinea. Ik vond ze mooi omdat ze iets vertellen over de mensen en het land, daarnaast zijn ze artistiek ook dik in orde.
Een verdieping hoger waren er foto's van de Belgische fotograaf Stephan Vanfleteren te zien.
Hij fotografeerd vooral allerdaagse gebeurtenissen, maar op zo'n manier dat het een fascinerend beeld opleverd. Daarnaast fotografeerd hij in zwart/wit wat het beeld nog misterieuzer en authentieker maakt.

Na het Fotomuseum gingen we naar de Grote Markt voor wat vertier, en heb ik een paar mooie foto's gemaakt van de fontein en de oude gebouwen rondom. Het blijft toch een toeristisch uitje.
De winkeltjes zijn wel aan de dure kant, een ovenwant kost toch al gauw 25 euro.

Om ongeveer 18:00 uur vertrokken we weer richting Den Bosch, waar we anderhalf uur later aankwamen.

Tot de volgende keer!

dinsdag 11 september 2007

Introductie week

De kop is er af!